Start Team op Maat basisschool DON SARTO

Start Team op Maat basisschool DON SARTO

Ieder kind verdient het om veilig en gelukkig op te groeien en heeft het recht om te leren en zich te ontwikkelen. Dat veilig en gelukkig opgroeien geen vanzelfsprekendheid is, blijkt in de wijk Tilburg Zuid waar basisschool Don Sarto staat. Het is een school in een wijk waar veel complexe problemen spelen, zoals armoede, geringe sociale contacten, criminaliteit en geweld. Minimaal de helft van de kinderen op de basisschool krijgt veel mee van de problemen door de dagelijkse uitdagingen die de gezinnen op hun pad treffen. Om problemen tijdig te signaleren en aan te pakken start er op de basisschool een Team op Maat.

Warm en veilig

School is een warme plek waar ouders zich gezien voelen. Op dit moment is school veel bezig op gebied van zorg, waardoor het onderwijs onvoldoende aandacht krijgt. School en ouders ervaren belemmeringen waardoor het lang duurt voordat er hulp kan worden ingezet. We zien dat ouders vanuit een vertrouwensrelatie meer open staan voor hulp en ondersteuning. Er is regelmatig sprake van wantrouwen en terughoudendheid bij de ouders op Don Sarto. De verwachting is dat wanneer expertise binnen school aanwezig is, als onderdeel van de school wordt gezien, deze terughoudendheid minder wordt en de drempel om ondersteuning te vragen, wordt verlaagd.

Team op Maat

Een op Maat ingericht Team op basisschool Don Sarto staat dichtbij kinderen, gezinnen en onderwijsprofessionals, is aanspreekbaar en benaderbaar voor leerkrachten, ouders en kinderen. Het is zo ingericht dat het team goed kan inspelen op de maat van de problematiek op en rond de school (zoals bekend uit data-analyses en ervaringen van de school en professionals in de wijk).

Wat willen we bereiken met Team op Maat:

  • Snelle toegang tot de juiste professionals buiten en binnen de school.
  • Ervoor zorgen dat school meer toekomt aan het geven van onderwijs
  • Versterken van de zorgstructuur binnen school
  • Integraal samenwerken met de diverse partners binnen en buiten school
  • Toegang tot professionals is laagdrempelig voor alle ouders uit de wijk: ouders kunnen de professionals in het Team op Maat eenvoudig benaderen, en het Team op Maat slecht hiermee ook drempels naar andere professionals.

Ben je geïnteresseerd in een Team op Maat? Neem dan contact op met Vivian Jacobs via info@programmasmartstart.nl

In de wieg al op achterstand: bij baby’s van 4 maanden is de ongelijkheid reeds te zien

Kinderen uit arme gezinnen komen al vroeg op achterstand, blijkt uit nieuw Rotterdams onderzoek met gegevens van 153 duizend kinderen. Arme baby’s zijn vaker zwaarder, arme peuters hebben vaker een taalachterstand, arme tieners vaker psychosociale problemen. Hoe komt dat? En is er iets aan te doen?

Wat zit hier in het drinkwater? Dat dacht Mirjam Jobse toen ze korte tijd werkte op een consultatiebureau in een plaats in de Betuwe, waarvan ze de naam liever niet noemt. Ze kwam elke dag moe thuis, vertelt ze, moeier dan ze gewend was van haar werk in Culemborg, een kilometer of twintig verderop.

‘De kinderen klommen overal op, maakten dingen stuk, waren drukker. En de ouders zeiden er niets van.’

Jobse, die verpleegkundig specialist is, zag ook dat veel van de ouders te zwaar waren. Net als hun kinderen, trouwens. En dat de kleintjes zich trager dan gemiddeld leken te ontwikkelen. Neem nou de vormenstoof. Een 2-jarige kan over het algemeen het ronde blokje in het juiste gat duwen, een 3-jarige ook het vierkant en de rechthoek, een 4-jarige de driehoek. Maar daar was dat anders.

lees hier het artikel verder

‘Niemand slaat zijn kind voor de lol. Dat begint vanuit onmacht’

#smartartikel

Wetenschappelijke kennis wordt niet goed gebruikt in de jeugdhulp, zegt Dijkshoorn. „Data, data, data – dat is het belangrijkst.” @NRC

‘Mishandelen doen we allemaal’. Het zou een goede slogan voor de jeugdbescherming kunnen zijn, zegt Peter Dijkshoorn (65). In zijn weelderige tuin in Giethoorn denkt de niet-praktiserend jeugdpsychiater en voormalig bestuurder van een jeugd-ggz-instelling hardop na over hoe hij kindermishandeling zou willen aanpakken. Hij ziet een landelijke, langlopende campagne , zoals de BOB-campagne tegen alcohol in het verkeer, voor zich. „Die werkte als een tierelier.”

Het is één van de ideeën die Dijkshoorn heeft als ‘landelijk ambassadeur voor een lerend jeugdstelsel’, een functie die sinds vorig jaar bestaat en is bedacht en betaald door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). Dijkshoorn denkt mee over hoe de jeugd-ggz, jeugdzorg en jeugdbescherming kan verbeteren. Hij schuift aan bij gesprekken van het ministerie van Volksgezondheid en de VNG over de toekomst van het jeugdhulpstelsel – een onvermijdelijk onderwerp in de kabinetsformatie. Ook schreef hij, met andere experts, een pamflet met aanbevelingen – Op de groei – dat onlangs verscheen.

Het klinkt wellicht tegenstrijdig, maar om kindermishandeling te voorkomen, zul je het eerst moeten ‘normaliseren’, denkt Dijkshoorn. „Jaarlijks worden in Nederland ruwweg 125.000 kinderen mishandeld. Dat begint vanuit onmacht, niemand slaat zijn kind voor de lol.”

Maar ouders durven geen hulp te zoeken. „We hebben een cultuur gecreëerd waarin ouders bang zijn dat ze hun kind kwijtraken.” Want dat zijn de verhalen die vooral naar buiten komen. „Terwijl we uit onderzoek weten dat kinderen die mishandeld zijn daar langdurige problemen aan overhouden. Angstklachten, trauma’s. Zij geven die weer door aan hun kinderen.” Dus: hoe eerder ouders met trauma’s in beeld komen en geholpen kunnen worden, hoe beter – voor ouder en voor kind. Hoe? Door de geveltekst van Veilig Thuis te veranderen, zegt Dijkshoorn: „Hier krijgt u hulp als het thuis uit de hand loopt. 95 procent van de kinderen die wij helpen blijft thuis wonen.”

Lees hier verder

Update Inspiratieplein

Kansengelijkheid staat al een aantal maanden hoog op de maatschappelijke en politieke agenda. Dat komt ook door de effecten die de coronamaatregelen hadden op kinderen en gezinnen, en de onderzoeken die verschenen zijn over onder meer kinderarmoede. Als programma Smart Start juichen we deze aandacht toe. Op basis van kennis oplossingen bedenken, maar dan ook versterkt door data en onderzoek. Het regionale designteam dat dit voorjaar getraind is, staat klaar om designprocessen te begeleiden voor Smart Start-vraagstukken, groot en klein.

In deze nieuwe editie van het Inspiratieplein praten we jullie graag bij over Smart Start. En tegelijkertijd zouden we nog veel meer willen delen en willen vragen. Want in een lerend programma als Smart Start missen we de inspiratiesessies waarin we elkaar ontmoeten enorm. Hopelijk is het begin 2022 zover. In de tussentijd nodigen we je uit om het Inspiratieplein te bezoeken en te laten weten wat je ervan vindt.

De zomerperiode gebruiken wij om een online tool te ontwikkelen voor een overdraagbare aanpak voor Smart Start. Dit gaan we dit najaar lanceren. De voorbereidingen zijn in volle gang. Wij wensen jullie een fijne zomer! 

Ga hier naar het Inspiratieplein

In de update van ons inspiratieplein gaan de projectleider van K!NDT en programma manager van Smart Start met elkaar in gesprek. K!NDT en Smart Start, twee inspiratiebewegingen die, ieder op een eigen manier, naar hetzelfde thema kijken en elkaar versterken.

In Nederland groeit één op de twaalf kinderen op in armoede. Deze ruim 300.000 kinderen hebben geen onbezorgde jeugd. De financiële zorgen hebben niet alleen invloed op hun jonge levens, maar ook op later: op de ontwikkeling en toekomst van deze kinderen. Twee wethouders uit het sociale domein willen deze cirkel van kansenongelijkheid doorbreken. En we presenteren jullie in deze update ons Designteam, 9 creatieven die jullie kunnen helpen om ingewikkelde vraagstukken op te lossen met verrassende werkvormen. ​

Inspiratieplein Smart Start

Kansengelijkheid voor alle kinderen; het is actueler dan ooit. Het afgelopen jaar is het extra duidelijk geworden dat het uitmaakt waar je wieg staat, wat je postcode is. Met de Smart Start-projecten willen we dit veranderen. Niet alleen met de lopende en geplande projecten, maar zeker ook door Smart Start-denken – innovaties voor jeugdvraagstukken op basis van data, kennis en design thinking – op andere manieren toe te passen. 

We kunnen er veel over vertellen en zouden dat het liefst weer live doen, tijdens een van onze Inspiratiesessies. Maar die moeten nog even wachten. Daarom hebben we het Inspiratieplein ontwikkeld. Geen webinar of online congres. Maar een plein met een o.a. Smart Start-animatie, een Talk over armoede, verhalen van onze ‘Smart Students’ en een tweegesprek waarin twee werelden samenkomen; die van Smart Start en UMC Utrecht. We nodigen je uit het Inspiratieplein te bezoeken.

Klik hier om naar het inspiratieplein te gaan

“De meeste kinderen vinden armoede ‘normaal’: niets om je voor te schamen”

‘Smart Students’ Sanne en Naomi onderzochten armoede voor pilot Gilze en Rijen

Toen Sanne van den Heuvel en Naomi Schuermans – beiden 17 jaar en eerstejaarsstudent aan de Fontys Hogeschool Pedagogiek in Tilburg – vanuit school een onderzoeksopdracht kregen, kwamen ze uit bij de pilot Gilze en Rijen van Smart Start. Samen verdiepten de ‘Smart Students’ zich in armoede, met als onderzoeksresultaat een aantal bijzondere gesprekken met kinderen over dit nog altijd beladen onderwerp.

Sanne en Naomi gingen op onderzoek uit: wat is armoede precies, welke invloed heeft het op kinderen en wat betekent armoede voor een gezin? “Hierover hebben we gesprekken gevoerd met kinderen in de leeftijd van 10 – 12 jaar”, vertelt Naomi. “We kozen bewust voor gesprekken en niet voor interviews. Dat voelt prettiger voor kinderen. De gesprekken waren in duo’s, zodat de kinderen op elkaars antwoorden konden inhaken.”

Wat weet jij over armoede?
Sanne: “Vooraf lieten we de kinderen een filmpje zien over een meisje dat in armoede leeft. Daarna stelden we vragen: Wat viel je op? Wat vond je ervan dat het meisje naar de voedselbank ging en tweedehandskleding droeg? Wat weet je over armoede? Kan je het aan kinderen zien als ze in armoede leven? Wat merk je ervan op school? De meeste kinderen zaten op één lijn, hoewel ze over bepaalde thema’s ook een heel eigen mening hadden.” Naomi: “De antwoorden waren ook afhankelijk van de omgeving waarin de kinderen opgroeien: heeft een kind wel of niet te maken met armoede?”

‘’We denken wel dat er iemand in de klas zit die arm is, maar daar vragen we niet naar’’, zeggen de kinderen.

Kinderen vinden armoede niet raar
“De meeste kinderen vonden armoede ‘normaal’: niets om je voor te schamen”, aldus Sanne. “Ze vonden het niet raar dat sommige kinderen tweedehandskleding dragen of naar de voedselbank gaan, maar wel zielig dat deze kinderen niet hetzelfde kunnen doen en kopen. Veel kinderen hoopten dat er meer aan armoede gedaan wordt. Wat dat precies moet zijn, wisten ze niet.”

Openheid
Naomi: “Een opvallende uitkomst is dat er op scholen weinig aandacht wordt besteed aan armoede. Kinderen zeiden bijvoorbeeld: Daar hebben we het eigenlijk nooit over. We denken wel dat er iemand in de klas zit die arm is, maar daar vragen we niet naar. Er lijkt dus nog altijd een taboe op het onderwerp te zitten. Dat herken ik wel van vroeger. In mijn basisschooltijd werd er ook bijna niet over gepraat, terwijl het belangrijk is voor kinderen om er open over te zijn. Als je met kinderen in gesprek gaat over armoede, blijkt dat ze graag ideeën willen aandragen.”

“Op scholen wordt weinig aandacht besteed aan armoede.”

Gelijke kansen voor iedereen
Sanne en Naomi hebben in totaal vier maanden onderzoek gedaan voor de pilot Gilze en Rijen. “Het mooie van Smart Start is dat het gericht is op het voorkomen van problemen in plaats van het oplossen ervan”, benadrukt Sanne. “En dat het draait om gelijke kansen voor iedereen”, vult Naomi aan. Sanne: “We hebben met veel plezier aan dit onderzoeksproject gewerkt en zijn blij dat we ons steentje konden bijdragen.” Naomi: “Ik vond het heel interessant, want ik wist nog niet veel over armoede. Er moet écht meer aandacht komen voor dit onderwerp.”

“Ik wist nog niet veel over armoede. Er moet écht meer aandacht komen voor dit onderwerp.”

Te gast op het Zorg+Welzijn congres Armoede en Schulden

Smart Start: ‘Durf risicofactoren serieus te nemen’

Waarom wachten tot families bij ons aankloppen? Waarom wachten tot de ellende zo groot is? Uit die verbijstering is het programma Smart Start in Brabant ontstaan. Bestuurder Lian Smits van Sterk Huis en Patricia Prüfer, hoofd data Science van CentERdata, een aan Tilburg University gelieerd onderzoeksinstituut, zijn ervan overtuigd: ‘Met hulp van data en wetenschappelijke kennis kunnen we die negatieve spiraal doorbreken.’

‘De problemen die we bij families en cliënten zien, zijn vaak jaren geleden al ontstaan. Waarom zo lang wachten tot de ellende niet meer te overzien is?’ Bestuurder Smits windt er geen doekjes om, ze deelt de frustratie van veel hulpverleners in de praktijk. Waarom kunnen we deze mensen niet eerder helpen?  ‘Als de supermarkt aan de hand van een bonuskaart me kan vertellen welke boodschappen ik wil hebben, dan moet het op grotere schaal toch mogelijk zijn om risicofactoren voor gezinnen in kaart te brengen?’ Lees verder

Lian Smits en Patricia Prüfer zijn sprekers op het Zorg+Welzijn congres Armoede en Schulden dat op woensdag 21 april wordt gehouden. Andere sprekers zijn onder anderen Arjan Vliegenthart, directeur van Nibud, en Nathalie Boerenbach, directeur bij Sunn.

Drie winnaars bij City Deal Challenge Tilburg

“Eigenlijk zijn er alleen maar winnaars bij de City Deal Tilburg Challenge”, vindt de Tilburgse wethouder onderwijs en jeugd Marcelle Hendrickx. Zij laat zich graag inspireren door de oplossingen van de jonge stadsgenoten. “Wanneer je alleen vanuit je eigen perspectief naar een kwestie kijkt, kom je niet tot innovatie. De stad heeft deze studenten nodig. Jullie zijn onze hersenen.”

Binnen de City Deal Challenge Tilburg versterken Tilburg University, Fontys Hogescholen en de gemeente hun samenwerking. Zij dagen studenten uit met oplossingen te komen voor vraagstukken, en deze editie van de Challenge was Smart Start een van de drie vraagstukken.

Lees hier je het gehele artikel.

City Deal Challenge reikt prijzen uit

kinderen spelen smart start

Najaar 2020 startte de City Deal Challenge met het thema Elk kind een goede start. Deelnemers presenteerden ideeën, hiertoe geïnspireerd door de thema’s Smart Start en Wijkinterventies om Challenge B: Wijkinterventies om onderwijsachterstanden te voorkomen.

Op 25 februari strijden de overgebleven deelnemers om de winst en het prijzengeld. Een onafhankelijke jury beoordeelt de presentaties en demonstraties. De winnaars worden kort na de presentaties bekend gemaakt. Wil je er bij zijn? Meld je dan aan via deze link.