Interview Teun Brand

Op Basisschool De Zuidwester startte najaar 2018 de eerste pilot van het programma Smart Start. Ondertussen lopen er vijf pilots in de regio Hart van Brabant. In diverse (sociale) werkgebieden, zoals wonen, zorg, welzijn en onderwijs. De concrete onderzoeksvraag verschilt in alle pilots, maar het doel is steeds hetzelfde. Teun Brand, projectleider Smart Start bij Xpect Primair, deelt zijn ervaringen over de pilot op De Zuidwester én vertelt over ambitieuze nieuwe plannen.

“Data heeft de toekomst, juíst ook in het sociale domein”

Basisschool De Zuidwester startte als eerste met een pilot van het programma Smart Start. “Er gebeurt veel op deze school, het kon er onrustig zijn. Daar wilden we iets mee”, vertelt projectleider Teun Brand. Merken de kinderen, ouders en leerkrachten van De Zuidwester al iets van de innovaties die ontwikkeld zijn binnen de Smart Start-pilot?

In het programma Smart Start nemen we objectieve data – ook uit onderzoeken – als uitgangspunt. Die data combineren we met de kennis en ervaring van professionals en ouders. Samen – met een projectteam – werken we toe naar innovaties die gericht zijn op preventie in plaats van oplossing.

“Onze onderwijsprofessionals hebben veel verstand van kinderen, die ze altijd optimaal inzetten”, aldus Teun. “Het gebruik van data zorgt voor een nieuwe impuls. Hiermee staven we de onderbuikgevoelens van de professional en leggen we blinde vlekken bloot. Een extra bevestiging, waardoor we gefundeerd blijven handelen.”

“Data heeft de toekomst,
juíst ook in het sociale domein”

Gerichter interveniëren

Tijdens de pilot kwam het projectteam tot de conclusie: er is méér ondersteuning nodig op De Zuidwester. Bovengemiddeld veel kinderen worstelen op de school met multiproblematiek, een combinatie van gescheiden ouders en armoede bijvoorbeeld. Uit de data en interactieve design thinkingsessies met een gemixte groep meedenkers bleek ook op welke vlakken hulp nodig is, dus kon de school gerichte maatregelen treffen. Daarvoor zijn twee oplossingen bedacht:

  • Een all-in concept bieden op school
  • Een Team Op Maat biedt de ondersteuning die nodig is

Warm bad

“Zowel kinderen als ouders moeten een school als een warm bad ervaren. Kies je voor een school? Dan kies je voor een totaalpakket. Dat is het idee voor De Zuidwester”, licht Teun toe. “Onder één dak helpen allerlei partijen mee om het geluk en succes van jouw kind te bevorderen”

Om hier invulling aan te geven is op De Zuidwester een Team Op Maat samengesteld, met professionals die leerlingen én ouders op locatie van de school de ondersteuning kunnen bieden ze nodig hebben. “Zo is schoolmaatschappelijk werk uitgebreid en er is een gedragscoach in de school. Zij hebben – samen met de intern begeleider – een kort lijntje met logopedie en de wijkagent. De regio Hart van Brabant – en in ons geval de Gemeente Tilburg – heeft daaraan bijgedragen. We doen het met z’n allen.”

Over Teun Brand

Teun Brand is basisschooldirecteur bij Xpect Primair en in juni volgde hij Angela Horsten op als Projectleider Smart Start. Hij gelooft écht in dit project, vertelt hij. “In november rondde ik de Executive Master of Management and Organization af. “Al mijn studiegenoten waren manager of directeur, in allerlei branches. Je merkt dat iedereen globaal met dezelfde onderwerpen bezig is: organisatieontwikkeling, menselijk kapitaal én data. Dat laatste is echt een hot topic. Het sociale werkveld loopt niet voorop in het werken met data. Voor het basisonderwijs (in Tilburg) is het Smart Startprogramma een mooie eerste stap; juist omdat het niet alleen om data draait, maar altijd om de combinatie van data met kennis en ervaringen. Ik wil het heel graag verder ontdekken.”

Verbinding

De ambitie is om nóg meer verbinding te creëren tussen de school en de wijk. Dat werkt twee kanten op: de school heeft iets aan de wijk én andersom. En door samen een veilige omgeving voor kinderen te bieden, vergroot je de kansen van kinderen. Hoe je ‘succes’ ook definieert; van CITO-score tot geluksgevoel. “De vernieuwingen zorgen al voor meer rust in de school, blijkt uit feedback van het team van De Zuidwester. Leerlingen krijgen de ondersteuning die ze verdienen en ook voor ouders is het Team Op Maat een laagdrempelig aanspreekpunt. Tegelijkertijd komen leerkrachten weer meer aan lesgeven toe.” 

De vervolgpilot

Naast het implementeren en borgen van de innovaties op De Zuidwester is er een tweede doel: de pilot uitbreiden. De eerste pilot is er altijd ‘een om van te leren’. “En dat doen we zeker. In onze vervolgpilot passen we direct toe wat we geleerd hebben. Zo breiden we onze doelgroep uit. We selecteren drie buurten in Tilburg waar minstens drie scholen zijn. We mogen dan gebruik maken van de microdata van het CBS. Op basis van die data stellen we – per buurt – een projectteam samen; we weten dan namelijk al beter wie nodig is. We hebben daar ook de ouders bij nodig.”

Overdraagbaar

Uit de vervolgpilot komen mogelijk weer compleet andere innovaties voort. Het idee van Smart Start is wel dat het overdraagbaar is; dat de werkwijze en oplossingen overgenomen kunnen worden door andere scholen in de stad of elders in het land. “Vanzelfsprekend is het geen kopiëren en plakken, want een analyse van alle data kan ook uitwijzen dat een school iets compleet anders nodig heeft.”

Het geld volgt de goede ideeën

Alle kosten zijn voor nu in de pilots meegenomen. Verschillende partijen dragen bij, waaronder de gemeente en Xpect Primair. “Ik ben zelf ook schooldirecteur. Als ik zie dat iets werkt als een trein, onderzoek ik vanzelfsprekend hoe ik in de toekomst ruimte kan (blijven) maken in de begroting om de maatregel te bestendigen”, besluit Teun.

Interview Ted van der Lee

“Tijdens mijn werk heb ik jaren geleden rondom een evenement de samenwerking opgezocht met de Voedselbank, die connectie heb ik altijd warm gehouden. Toen ik uiteindelijk stopte met werken, heb ik in 2016 samen met wethouder Rolph Dols de Voedselbank van Gilze-Rijen nieuw leven in geblazen. Toen we begonnen klopten er 20 gezinnen bij ons aan. Ondertussen zijn dat er 120. Elke week verzorgen we voor zo’n 400 mensen eten, waarvan ongeveer 150 kinderen. Dat is het einde van het proces. Maar wij willen méér doen dan ‘alleen maar’ eten leveren. En als we écht iets willen veranderen, moeten we naar de oorzaak van problemen zoeken.

“Als we iets willen veranderen, moeten we naar de oorzaak van problemen zoeken”

Waarom hebben deze mensen de Voedselbank nodig? Hoe zijn zij in het sociale domein belandt? En hoe kunnen wij als Voedselbank een bijdrage leveren om zaken op te lossen? Wij horen wekelijks van onze klanten wat er speelt in het milieu. Mensen werken hard om hun schaapjes weer op het droge te krijgen, maar regels maken het moeilijk voor ze. Zo beoordelen wij als Voedselbank niet zelf wie er bij ons mag komen.

Laatst liep er een jongeman bij ons, maar wij kregen het signaal dat hij niet meer mocht komen. Hij was namelijk zijn groot rijbewijs aan het halen. Dat kost geld, en dat is niet nodig. Toen hebben tegen die jongeman gezegd: haal je rijbewijs, wij blijven je nog een paar maanden helpen. Uiteindelijk haalt zo’n jongen zijn rijbewijs, waardoor hij een baan vindt en zichzelf weer kan redden. Ik denk dat er veel meer van dit soort vicieuze cirkels zijn die we samen kunnen doorbreken. De pilot is bij ons pas net gestart, maar hopelijk helpt de data die voortkomt uit het programma Smart Start ons om onze doelgroep nog beter te leren kennen. Met als doel om straks bepaalde signalen eerder op te pikken en vervolgens sneller en adequater op situaties te reageren, om naar échte oplossingen toe te werken.”

Interview Anne-Lieke Piggen

Wat is jouw rol binnen Smart Start?

“Ik ben de projectleider van de tweede pilot in Heusden. Een mooie opdracht die ik goed kan combineren met mijn werk als beleidsmedewerker bij de Gemeente Heusden. Binnen de gemeente zijn we al langer bezig om met behulp van data en analyse beter te kijken of we wel het juiste doen. Zo kijken we bijvoorbeeld hoeveel kinderen zorg krijgen, welke zorg ze krijgen en of het wel de juiste zorg is. Smart Start was voor ons heel logisch om te gaan doen.”

Waarom het thema uithuisplaatsingen voorkomen?

“Als Gemeente hebben we zelf voor het thema gekozen. Een uithuisplaatsing heeft de meeste impact op een kind en gezin. Het is het onderwerp waar de meest schrijnende verhalen naar boven komen. We willen dat kinderen thuis kunnen blijven wonen, of zo thuis mogelijk. Een kind uit zijn eigen omgeving halen is nooit goed. Als je dit overkomt dan weet je dat de kans groot is dat er in de toekomst ook andere problemen gaan spelen. Door een uithuisplaatsing te voorkomen, voorkomen we in de toekomst ook ellende.”

“Het gebruiken van data en gegevens in combinatie met wetenschappelijk onderzoek is iets waar ik ontzettend in geloof. Het helpt ons om de ondersteuning aan kwetsbare kinderen en gezinnen te ontwikkelen. Ik zie veel kansen liggen om hiermee aan de slag te gaan.”

In welke fase zitten jullie?

“We zitten nu in de designfase. Voor deze fase ben ik bewust opzoek gegaan naar mensen vanuit verschillende disciplines. Uithuisplaatsingen moet je vanuit diverse invalshoeken benaderen. Je hebt verschillende soorten kennis nodig. We gaan opzoek naar het ‘schakelpunt’. Je wordt niet van de een op de andere dag uit huis geplaatst. Daar moeten eerder signalen zijn geweest dat we het beter hadden kunnen doen.”

Wat zijn je ambities?

“Mijn ambities zijn best realistisch. Ik verwacht niet dat we het ei van Columbus gaan vinden. Wat wij wel willen is de hooiberg van problemen wat kleiner maken. Er is al veel kennis over risico factoren, maar het lukt is nog niet om uithuisplaatsingen te voorkomen. Wat moeten we nou doen om het anders te doen? We hebben de ambitie om een stapje dichterbij te komen. En dan moet je het gewoon gaan doen, anders kom je er nooit.”

Interview Angela Horsten

De basisschool de Zuidwester was de eerste vindplaats binnen Smart Start. Waarom is daar voor gekozen?

Er is gekozen voor de Zuidwester als vindplaats omdat er op de school veel kinderen zitten waarbij diverse problemen en vraagstukken leven in het gezin. Tevens waren er zorgen over de ontwikkeling van de wijk. Daarnaast werd er een ondersteuningsbehoefte geuit vanuit het team. Om nog beter te leren omgaan met ouders, om aan te sluiten en af te stemmen op wat zij kunnen. Nu denken we soms nog te snel in oplossingen en vergeten we de ouder mee te nemen. Er was een deskundigheidsbehoefte op thema’s zodat je weet hoe te handelen. Het is erg fijn dat er door Smart Start ruimte is gecreëerd om een gedragscoach en medewerker complexe jeugdzaken op school te realiseren. Die kritische samenwerking heeft het verschil gemaakt voor een aantal ouders en professionals.

Hoe kijk je terug op de pilot Smart Start op de basisschool Zuidwester?

Ik kijk met warme gevoelens terug op de pilot Smart Start. We waren de eerste pilot die vaak bekend staat ‘om van te leren’. Dat hebben we met elkaar dan ook echt gedaan. Met het projectteam hebben we de designfase benut om elkaar beter te leren kennen en te begrijpen. Ook het leren spreken van elkaars taal bleek waardevol. Alle deelnemers namen deel vanuit een soortgelijke drive; het geluk in de wijk Staatsliedenbuurt Oost vergroten. Door de designsessies weten we elkaar nu nog beter te vinden. Dus ondanks het feit dat de microdata er nog niet waren, hebben we met elkaar een leerzame periode achter de rug en volgt er nog een bonusperiode van implementatie waarbij de data zeker ondersteunend gaan werken. Alle partners willen door, en nadenken over welke partners ook van belang zijn en wellicht nog aan kunnen schuiven.

We waren de eerste pilot die vaak bekend staat ‘om van te leren’. Dat hebben we met elkaar dan ook echt gedaan.

Wat heb jij persoonlijk het meest geleerd van Smart Start?

Persoonlijk heb ik veel geleerd van het onderzoek dat ik ondertussen heb gedaan. Ik vond het belangrijk dat er werkende principes zouden ontstaan om op voort te kunnen borduren om de samenwerking verder te verstevigen maar ook om alle partners zich daarvan bewust te laten zijn. Dit projectteam heeft een ambitie en wil daadwerkelijk het verschil maken voor het kid en het gezin eromheen. De samenwerking moet breed worden bekeken en niet alleen vanuit de school. We hebben namelijk allemaal ons deel en expertise. Om de werkende principes goed te laten werken is het van belang dat de moederorganisatie ieder lid van het projectteam ruimte en vrijheid geeft om maatwerk te kunnen bieden. Dat betekent dat zij ‘carte blanche’ dienen te krijgen met vertrouwen als basis. Verder heb ik geleerd hoe belangrijk de nabijheid van expertise is. Door met elkaar te sparren, door elkaar te consulteren is er een groter effect in resultaat. Ik heb een aantal momenten gehad waarin we daadwerkelijk als collectief voor ouders het verschil konden maken. Ook leerkrachten durven hun vragen steeds meer te stellen. De coaching op de werkvloer met de juiste expertise mag daarin de verdiepingsslag worden wat mij betreft. Er is een belangrijk begin gemaakt. Ook kunnen deze experts binnen de school professionaliseringssessies organiseren zodat we meer te weten komen over thema’s als omgaan met trauma’s en het voeren van oudergesprekken.

Zijn er al eerste successen die je kan delen?

De eerste successen zijn zichtbaar geworden door de inzet van de medewerker complexe jeugdzaken. Daardoor kon hulp sneller worden ingezet. De gedragscoach is zowel op de wekvloer als in contacten met ouders erg waardevol geweest. Zij waren vaak de persoon waarbij de ouder het verhaal wel wilde vertellen en open stond voor ondersteuning. De samenwerking is versterkt. Teamleden voelen zich gezien en gehoord. Mogen hun werk doen en kunnen expertise benutten om hun werk goed te kunnen doen. Daarnaast zijn er mooie ideeën om te komen tot een all-in concept waarbij school en wijk met elkaar worden geïntegreerd.

Wat gun jij de Zuidwester nog toe?

Ik gun de Zuidwester het verder bouwen aan de visionaire gedachte van het all-in concept, maar gun hen vooral support van professionals die hen ondersteunen in het vat krijgen op de uitdagende vraagstukken binnen de school. Op die manier kan iedereen (team, kind én ouders) vanuit een gevoel van competentie en trots werken aan deze prachtige leer- en ontmoetingsplaats in die mooie en dynamische wijk in Tilburg.

Interview Christel Heeren

Wat is jouw rol binnen Smart Start?

“Ik ben een van de projectleden binnen de eerste pilot Smart Start op de basisschool ZuidWester. Dit combineer ik met mijn werk als gedragscoach op deze school. Voor de start van Smart Start bleken er diverse uitdagingen te spelen op de ZuidWester. Er was ondersteuning vanuit de zorg nodig. Als projectlid van Smart Start ben ik vooral aan het ontdekken op welke manier verbinding mogelijk is tussen zorg en onderwijs. Hoe kunnen we met alle betrokken partijen rondom de school het kind en de ouders centraal zetten?”

Waarom was ondersteuning noodzakelijk?

“Op de basisschool ZuidWester waren een aantal ontwikkelings- en veiligheidsvragen. Problemen liepen steeds hoger op. Als school wil je je voornamelijk bezighouden met goed onderwijs geven. Dit was op de ZuidWester op sommige momenten uit verhouding.”

“Ik hoop dat we problemen écht kunnen gaan voorkomen. Ik heb niet de illusie dat dit altijd kan, maar er gaan momenten komen dat het écht gaat lukken. Dat weet ik zeker.”

Wat is volgens jou de kracht van verbinding tussen onderwijs en zorg?

“Dat we met alle betrokkenen het juiste doen voor het kind. Bij verbinding kan het kind centraal staan. Er kan snel geschakeld worden wanneer er bij een situatie kennis vanuit zorg nodig is. Ik zie vaak dat situaties opgelost moeten worden door mensen die de kennis en kunde niet hebben. Door verbinding zorgen we dat de juiste verantwoordelijkheden bij de juiste partij liggen en wordt de expertise van eenieder beter benut.”

Wat hoop je met Smart Start te bereiken?

“Smart Start heeft me twee belangrijke inzichten gegeven. Ik heb me verwonderd over de eilandjes waar we op werken rondom één kind. Soms zijn er meer dan 15 organisaties bij één gezin betrokken. Ontschotting is echt heel belangrijk. Niet alleen tussen zorg en onderwijs, maar ook de politie, wijkteams of veilig thuis moeten dezelfde taal gaan spreken. Daarnaast hoop ik dat we naast het kind ook ouders meer centraal gaan zetten. Zorg voor een vertrouwensband en behandel ouders met respect. Dan kom je als professional echt veel verder.”